Van Base Camp naar Basic Camp

1 augustus

Vandaag slapen we uit, om half acht loopt de wekker af. Koffers inpakken en dan naar het ontbijt. De lange tafel staat weer buiten opgesteld, heerlijk in het zonnetje. Vannacht is er een grote kudde olifanten over de camping getrokken, zo’n 50 meter van onze tenten vandaan. De olifanten zelf heb ik niet gehoord, wel de ‘askari’ (onze nachtwaker op de camping) die met veel kabaal de kudde verder weg van de tenten probeert te krijgen.

Onze tent, van binnen en van buiten

We doen rustig aan, het is gezellig met z’n allen aan tafel. Om iets over negenen stappen we op voor onze laatste safari in Masai Mara. Julius wil de tickets hebben, want die worden regelmatig gecontroleerd bij de gate. Hij kijkt er eens goed op, dan nog een keer en meldt ons dat de tickets tot 10 uur geldig zijn, ‘so we have a few minutes for gamedrive’.

Rechter hoorn is afgebroken tijdens gevecht

Twee uur later stappen we uit de auto, opnieuw met een hoofd vol beelden van wat we allemaal gezien hebben. Heel erg leuk is het bezoek aan een bocht in de Talek-rivier waar we uit de auto mogen en wat kunnen rondwandelen. Coen en Thijs lopen samen met Masai John (onze chauffeur) de steile kant van de rivierbedding naar beneden en staan op die manier nog dichter bij de tientallen nijlpaarden die bocht in de rivier als hun woning hebben ingericht.

Thijs, Coen en John

Het is een bizar gezicht, al die dikke, zwarte ruggen in het water, parallel naast elkaar gelegd. ‘Leve het nijlpaard, schitterend dier. Dik, lui en lelijk ligt hij in de rivier’; het liedje beschrijft de werkelijkheid bijna perfect!

Grote bek?

Na de lunch worden we opgehaald door Dama, een Masai dame halverwege de twintig, die ons met een prachtige safariwagen naar ons volgende onderkomen brengt. Dat is Doboro Mobile Camp; de naam dekt precies de lading: 4 tenten ter grootte van een lits-jumeaux, een tent waar het eten bereid wordt, twee tenthokjes met een waterzak erboven die dienst doen als douche, nog zo’n tenthokje fungeert als toilet. Dan is er nog een tent waar eten bereid wordt en verderop twee tenten waar het personeel slaapt. Alle tenten kunnen gemakkelijk afgebroken worden en verplaatst naar een andere plek in het Naibosho Conservancy. Want daar zijn we nu.

Doboro mobile camp

Naibosho Conservancy is bijzondere manier om toerisme, het in stand houden van de natuur en het respecteren van de rechten van de lokale bevolking te combineren. Het gebied grenst in het noord-oosten aan de Masai Mara, is ongeveer 150 km2 groot en ontstaan doordat de lokale landeigenaren (Masai) het land beschikbaar stellen voor lodges en campen en tegelijkertijd het recht behouden om hun eigen vee in een rouleerschema in het beschermde gebied te laten grazen. Om het toerisme binnen de perken te houden mogen er niet meer dan negen lodges zijn en die mogen weer niet meer dan 25 toeristen huisvesten. Alle opbrengsten van de lodges gaan naar de plaatselijke gemeenschappen, niks gaat naar de regering. Ook voor de toeristen is dit pure winst, je zult in Naibosho Conservancy nooit een jachtluipaard tegenkomen met 20 busjes eromheen! Zoveel toeristen zijn er gewoon niet!

Hyena’s schattig?

Van de verplaatsing van Base Camp naar ons nieuwe onderkomen maken we meteen een safari. We komen onder andere het nest van hyena’s tegen, een ondergrondse woning. Moeder en een stuk wat jongen liggen naast de ingang te relaxen. En hoewel ik hyena’s lelijke beesten vind, en ook de Masai het beest tot de crimineel van de savanne bestempelen, moet me van het hart dat hyena’s van een maand of twee oud toch een beetje schattig zijn.

Klem gereden en weer verder

Als we bijna bij ons mobile camp zijn, rijden we met de auto klem op een rotsblok. We kunnen niet voor- of achteruit, misschien dat het zinder passagiers in de auto wel lukt. Dama manoevreert op aanwijzingen van Freek voor- en achteruit, een beetje links en een beetje rechts, en jawel, hij kan verder.

Personeelsbestand van Doboro mobile camp (de kok ontbreekt)

In het camp brandt het kampvuur heerlijk warm (we zitten weer ruim boven de 1500 meter), er is een welkomsdrankje en gaan met personeel samen rond het kampvuur. De Masai zetten een lied in en wij doen mee met de achtergrondzang. Even later laten Freek en Paul zich zelfs verleiden om mee te doen aan de dans.

En dan volgt een heerlijke maaltijd, een biertje en een diepe nachtrust. Die laatste wordt regelmatig onderbroken door het geluid van een hyena, leeuw of olifant. Om te zorgen dat de beesten niet bij je in bed kruipen houden de hele nacht twee ‘askaris’ de wacht. Ze porren het kampvuur hoog op, houden hun speer en mes bij de hand en komen bijlichten als je naar de toilettent moet.

Kwart voor twee ’s nachts, de askari waakt bij het kampvuur

U hoort wel of het rustig gebleven is vannacht.

Dit bericht werd geplaatst in Geen categorie. Bookmark de permalink .

Plaats een reactie