28 september, Intermezzo
Griekenland, de Peloponnesos, het waren tijdens mijn middelbare schoolperiode onderwerpen die minstens 6x per week aan bod kwamen. De Oudgriekse taal tijdens de reguliere lessen, de Griekse mythologie iets minder vaak. Maar voor dat laatste had ik wel de meeste interesse. De verhalen over goden en helden, ik kan er niet genoeg van krijgen.
Neem nou de Peloponnesos, het eiland vernoemd naar Pelops. Pelops is de zoon van Tantalus (je weet wel, van die kwelling) en Tantalus is een buitenechtelijk zoontje van Zeus, de oppergod die lekker zit te chillen bovenop zijn berg de Olympus. Op een gegeven moment nodigt Tantalus de goden uit voor een diner. Om te checken of die goden alwetend zijn snijdt hij zijn zoon Pelops aan stukken en maakt er een smakelijke goulash van en serveert dat aan zijn gasten. Maar die hebben dat in de gaten en straffen Tantalus. Hij krijgt een ketting aan zijn benen, wordt in het water gezet met boven hem de lekkerste druiventrossen. Maar elke keer dat hij slok water wil drinken of een druifje wil prikken, wijken die. Hij crepeert van de honger en dorst. Nooit Zeus dissen!
Wat cijfermateriaal over de Peloponnesos:
Er wonen ruim 1 miljoen mensen op de Peloponnesos, ongeveer net zo veel als in de provincie Limburg.
De kustlijn van de Peloponnesos is zo’n 960 km lang, de kustlijn van Nederland ruim 500 km.
Het oppervlak van de Peloponnesos is ruim 20.000 km2, Nederland meet zo’n 40.000 km2.
En tenslotte, de grootste stad van de Peloponnesos is Patras met ruim 200.000 inwoners. Kan dus twee keer in Utrecht.


























































